Ik heb met veel plezier ieders stukje gelezen. Er staan een hoop leuke ideeën bij. Het viel me op dat iedereen in essentie dezelfde wens heeft. Het onderwijs hetzij intensiever (stof anders vormgeven of communiceren, studenten laten samenwerken) te maken, hetzij leuker maken (ik zag een paar leuke ideeen de revue passeren waaronder wedstrijden).
Het was erg leerzaam en inspirerend om al die leuke ideeën te zien.
Het viel me ook op dat dat sommige al heel veel met verschillende web 2.0 technologien hebben gewerkt (of “gespeeld”
Het wordt de komende weken zaak om iedereen een beetje op hetzelfde niveau te tillen mbt web 2.0 en de HomoZappiens. Daarom wilde ik alvast een beginnetje maken met inventariseren van jullie behoeften.
Als we kijken naar web 2.0 doet het verschillende dingen voor ons:
- het stelt ons in staat kennis te delen (knowledge management).
- het stelt ons in staat samen te werken (collaboration).
- het stelt ons in staat om nieuwe ideeen op te doen.
Om te kunnen sleutelen aan onze modules zullen we ons zelf ook moeten verdiepen in de mogelijkheden die de technologie ons bied.
Vanuit de kennis die aanwezig is in het project vanuit (mij en Ton, maar zo te zien zeker ook de deelnemers) denk ik bijvoorbeeld aan het volgende:
- het opzetten van een kennis en samenwerkingsplatform
- een sessie besteden aan web 2.0 en zijn effect op de student
- bekend worden met verschillende applicaties die van invloed zijn
(bv. del.icio.us, flickr, Jaiku, twitter, second life)
- aandacht besteden aan web 2.0 concepten (bv. tags, wiki’s, social networks, blogs)
- “excursies” (zo heeft Jan Landsaat van de WdKA aangeboden om zijn kennis en ervaringen te delen)
Wat denken jullie hiervan? Ik ben erg benieuwd naar jullie ideeën.
het lokaal voor de (kick-off) dinsdag 8 april is:
MH.03.107
de bijeenkomst duurt van 1630 tm 1800.
op het programma staat:
- uitleg over wat vooraf gegaan is
- korte introductie van de deelnemers
- uitleg over de HomoZappiens werkvorm
- uitwerken van ideeen en inventariseren van behoeften
- individueel besluiten of we iets van elkaar kunnen leren, en met elkaar in zee willen gaan.
- bouwen van een kennisnetwerk tbv groep (met del.icio.us)
ter voorbereiding:
- Als je nog niet gereageerd hebt op elkaar stukjes, kan dat nu nog. http://www.innovatiefonderwijs.net/?m=200804
(het loopt een paar pagina’s door, dus druk op next>)
- Ik zet vandaag een paar vragen en ideeen op het blog. Ik ben benieuwd naar jullie input.
Voor de mensen die zich hebben aangemeld voor het HomoZappiens traject, en nog een beetje met writersblock zitten:
Hieronder vindt je wat informatie over wat we graag terug zouden zien in het motivatiestukje en waarom.
We zouden graag het volgende van je weten:
- Wat is de context waarin je het HomoZappiens ziet (wat is je achtergrond/werkgebied, met wat voor studenten heb je te maken)?
- Welk probleem wil je oplossen? Of, welke kansen wil je benutten?
- WaaROM (hoe past bovenstaand in het ROM)?
- Wat zou er dan veranderen in je module (het is een concept, maar probeer zo concreet mogelijk te zijn)
- Heb je ideeën over hoe je e.e.a. wilt vormgeven?
Deze vragen geven ons (en iedereen in de projectgroep) een beeld van wat je wilt bereiken en wat je visie is.
Op sociaal vlak hebben we de volgende vragen:
- Wat wil je persoonlijk uit de HomoZappiens groep halen? (wat wil je leren?, wat verwacht je van de groep (van elkaar dus?)
- Wat kom je brengen? (wat kan de rest van de groep van je verwachten?)
- In hoeverre ben je zelf een HomoZappien en wil je HomoZappiens’achtige dingen leren/ontdekken?
Deze vragen geven richting aan hetgeen je zelf wil leren (denk hierbij ook aan je POP), en hoe je jezelf in de learning community ziet. We kunnen dan ook beter elkaars verwachtingen op elkaar afstemmen.
Het hoeft geen boekwerk te worden. Maar probeer zo duidelijk mogelijk te zijn in je visie (zowel op het onderwijsproduct als de HZ groep)
Je motivatie kun je richten aan PenI@hro.nl
Je stukje zal worden gepubliceerd op innovatiefonderwijs.net, zodat iedereen alvast naar elkaars ideeën kan kijken.
In de vorige post stonden een paar inspirerende (of moet ik zeggen intrigrerende) comments.
Dinosaurussen? Willem van Ravensteijn kwam met een artikel waarin de waardepropositie van het hoger onderwijs (in het licht van ontwikkelingen) in twijfel wordt getrokken.
Het mooie aan dat artikel vond ik dat het uitgangspunt nu eens niet de homozappiens (als afnemer) is, maar mogelijkheden van nieuwe technologie en de adaptie daarvan door spelers in de markt zelf.
Een andere taal
Verder werd er gesproken over een andere “taal” leren.
Op de ICT en onderwijs beurs heb ik even mogen spelen met de OLPC (one laptop per child). ik vond het idee al erg intrigerend. Maar toen ik het groene dingetje zag, werd ik er toch erg door gegrepen.
De hard- en software sloeg gewoon 20 jaar ontwikkeling over (windows/ office/ telefoonlijnen), en richte zich meteen op de (leer)behoeftes van personen in de 21e eeuw.
Hoewel ik met computers ben opgegeroeid, waren mijn vaardigheden waren niet zoveel waard. Ik moest gewoon weer ontdekken hoe verschillende functies werkte. Maar ik kon wel begrijpen dat kinderen dit extreem snel leerde.
Een illustratie:
Ik probeer nu zelf steeds meer de “essentie” te zoeken van wat geleerd moet worden, en die te koppelen aan de leergierigheid van mijn studenten. In mijn vak vind ik dat nog best moeilijk.
Wat vinden jullie? Hebben jullie goede ideeen? Wat is voor jullie vak de “essentie”?
Gisteren sprak ik met mijn collega Maarten (Communicatie) over hoe je onderwijs kunt ervaren. Hij liet me dit filmpje, over een professor (een 71 jarige Nederlander) van MIT die op een speciale manier zaken uitlegt, zien.
Ik vind dat Walter Lewin (en MIT) op de volgende vlakken goed bezig is:
1. Waar gaat het om? Volgens mij om het denkvermogen van de studenten. Daarbij kun je meer middelen inzetten dan alleen een “talking head” (in dit geval een gestoorde professor)
2. Af en toe iets leuks is niet vies. Een mooie bijkomstigheid is dat het ook nog eens blijft plakken (het doel heiligt de middelen)
3. Het is a-synchroon (je kunt de filmpjes later nog eens nakijken)
4. Het is viraal (via Yahoo komt het de wijde wereld in). Die man is niet vies van zijn eigen product.
Natuurlijk hoeft niet iedereen met een sloopbal op het internet te staan. Dit artikel belicht alleen een paar punten die, ik denk, belangrijk zijn.
1. Wat willen we onze studenten meegeven?
2. Hoe kan dat goed?
3. Nieuwe technologie biedt nieuwe mogelijkheden (a-synchroon, on demand, video, audio, animatie etc. etc.)
4. Is het nog leuk?
5. Het voorbeeld van MIT’s open courseware is een ander fenomeen. Waarom doen ze dat? MIT is een prestigieuze universiteit. Je zou toch zeggen dat hun kennis hun product is?
Nog even ter informatie:
1. schrijf je in via PenI (deadline vr 21 mrt)
2. schrijf een korte motivatie en mail die naar PenI (deadline vr 28 mrt)
3. wij posten de stukjes op innovatiefonderwijs.net
4. reageer ook op stukjes van anderen (de motivatie en interactie worden meegenomen in het selectieproces)
5. 8 april is de kick-off borrel
HomoZappiens? Web2.0? Dat gaat toch over computers? over MSN, Hyves, fora, mobieltjes en noem maar op?
“Ik ben helemaal niet zo’n techneut! Het gaat toch om de stof zelf?” hoor ik veel mensen zeggen.
Nee, Je hoeft voor HomoZappiens geen techneut te zijn. En: ja, het gaat ons vooral om de “stof”
De komst van het internet heeft veel veranderingen met zich mee gebracht. Recentelijk is de term web 2.0 (voor het eerst zo bestempeld door O’Reilly) veel in het nieuws. Hoewel veel van deze technologie uit de IT stamt, heeft web 2.0 vooral ook sociale consequenties.
Wij zijn vooral geinteresseerd in de kansen die web 2.0 biedt. Web 2.0 technologie stelt ons in staat om op andere manieren samen te werken (collaboration) en informatie uit te wisselen (sharing).
De valuta van web 2.0 is kennis. Expliciete kennis (zoals we gewend zijn), maar vooral ook taciete kennis en “emergente” kennis. Deze kennis word steeds meer gezien als een proces (en niet een product)
Web 2.0 bied ook veel mogelijkheden op het gebied van interactie. Er zijn nieuwe kanalen (MSN, sociale netwerken, mobieljtes), andere manieren om je te uiten (foto’s, filmpjes, podcast) en andere werkvormen (die soms helemaal off-line zijn) zoals “open space“, “webinars“, en nog vele andere manieren.
Terug naar de vraag “moet ik een techneut zijn?”. Nee dus, de technologie is voor ons een middel en geen doel. Een flinke dosis nieuwsgierigheid, passie voor je vak (en dus de nieuwste ontwikkelingen daarin) zijn wel een must.
Het HomoZappiens project streeft ernaar op de snijvlak innovatie te zitten, dit betekend dus dat je een innovatieve instelling moet hebben, en dat je tegen een stootje moet kunnen. Met z’n allen even uit de “comfort zone”. Oneffenheden strijken we er samen wel uit.
De posters zijn gereed, en worden opgehangen. In Profielen staat een artikel over de pilot van vorig jaar.
Het moge duidelijk zijn: de werving voor het Homo Zappienstraject 2008 is van start. Geinteresseerd? Kom dan op 18 maart naar de bijeenkomst. Meld je aan bij PenI (peni@hro.nl)!
Het team aan de slag met de posters.
In de Profielen van maart vind je een indruk van de pilot van vorig jaar.
In het VR Lab van de Universiteit Umea (Zweden) is een prachtig onderwijs-instrument ontwikkeld Phun genaamd, waarmee je in een game-achtige omgeving kunt experimenteren met de regels van de fysica.
Als ik met docenten praat hoor ik soms de overtuiging dat het ‘leuker’ maken van leren automatisch betekent dat het eenvoudiger wordt gemaakt, of zelfs te simpel. Een keer werd me ook gezegd dat leren ‘flink pijn moest doen’ omdat het anders niet blijft hangen.
Voor mij betekent het aanpassen van onderwijs aan de nieuwe volledig genetwerkte en informatie-overvloedige wereld dat het leuker, uitdagender, en meteen relevant moet zijn. Ik heb ‘leuk’ nooit met ‘makkelijk’ gelijk gesteld. Dat iets leuk is betekent alleen maar dat het makkelijker is om vol te houden, om verder te gaan, en betrokken te blijven in het leerproces. Het betekent absoluut niet dat de inhoud van mindere kwaliteit is of minder uitdagend. Integendeel. Het werk in Umea bewijst dat.
En er stonden nogal wat inspirerende dingen in:
- Hoe ontwikkelt de wereld zich?
- Hoe heeft de arbeidsmarkt zich de afgelopen 10 jaar onwikkeld? en hoe ontwikkelt die zich nu?
- Wat zorgt er nu voor dat alles zo ontzettend snel gaat (de steroids volgens Friedman)
En dan begint hij over een aantal waarheden (volgens mij dan..)
- een garantie op een baan bestaat niet meer (niet omdat je een papiertje hebt, niet omdat er voor je gezorgd gaat worden)
- die steroids gebruiken en veroorzaken we zelf (door digitaal, mobiel, en met onszelf bezig te zijn) Iedereen kan nu snel SMS’en, emailen en internetten. m.a.w. we communiceren al heel anders als 10 jaar geleden.
- toch is er een gat als we kijken naar hoe we ons onderwijs inrichten, en hoe we er over nadenken.
- de vraag op de arbeidsmarkt verandert. Creativiteit, flexibiliteit en emotionele intelligentie worden belangrijker
- dit gebeurt allemaal, of we het leuk vinden of niet
dan een paar vragen:
- bereiden we onze studenten juist voor?
- innoveren we (of zijn we een imitatie?)
- kijken we wel naar de toekomst (of kijken we naar de rest?)
- welke “droom” verkopen we?
Daar zou ik graag met jullie aan willen werken.
Ik vind dat we inspiratie moeten bieden, ons netwerk in de strijd moeten gooien, onze vaardigheden en taciete kennis moeten over brengen (boekjes en modellen kun je nog altijd opzoeken).
Ik stel voor dat we beginnen bij hetgeen we zelf kunnen beinvloeden.
Heb je oplossingen? (of ideeen daarvoor)
Kun je:
- je module leuker maken?
- je module interactiever maken?
- je studenten helpen hun passie (en daarmee hun specialisatie) te vinden?
- je lessen flexibeler maken (zodat je in kunt gaan op hetgeen echt belangrijk is)?
- je studenten verbinden met jou netwerk (of je eigen netwerk vergroten en ontsluiten)?
en dat alles:
- snel (nu of morgen, zonder een gigantische project organisatie)
Heb je ideeen, heb je passie, heb je uithoudingsvermogen en een dikke huid? Meld je aan voor onze informatiebijeenkomst